Wijzigingen op SZW-gebied per 1 januari 2026

Belastingen
Team van Salarisjobs gespecialiseerd in verschillende salarissoftware pakketten
Share Icon facebook Icon linkedin Icon whatsapp

Minimumuurloon

Het minimumuurloon stijgt door indexatie. Het minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar en ouder gaat van € 14,40 naar € 14,71 bruto per uur. Voor werknemers van 15 tot en met 20 jaar gelden vaste minimumjeugduurlonen. De minimumjeugduurlonen zijn afgeleid van het wettelijk minimumuurloon.

Uitkeringen

Alle uitkeringen stijgen door indexatie. Het gaat onder meer om de participatiewetuitkeringen (bijstand), IOAWIOAZAOWANWWezenuitkering, Wajong, WW, IOW, WIA, WAO, Ziektewet en Toeslagenwet.

Kinderbijslag, kinderopvangtoeslag en kindgebonden budget

Ouders krijgen hogere vergoedingen als bijdrage in de kosten voor kinderen. Het gaat om de kinderbijslag, kinderopvangtoeslag en kindgebonden budget.

Het kabinet investeert € 199 miljoen in een hogere kinderopvangtoeslag voor werkende ouders. Werkende ouders met een gezamenlijk inkomen tot € 56.412 krijgen daardoor 96% vergoed van de kosten tot de maximum uurprijs. Ouders met een hoger inkomen ontvangen ook een hoger vergoedingspercentage.

De maximum uurprijzen voor de kinderopvang gaan omhoog.  Dit betekent dat de maximum uurprijs voor de dagopvang € 11,23 is, voor de buitenschoolse opvang € 9,98 en voor de gastouderopvang € 8,49.

Het kindgebonden budget gaat iets omhoog voor alleenstaande ouders met een inkomen tot € 29.736. Ook krijgen stellen met een inkomen tot € 39.141 iets meer. Als het inkomen van de ouders hoger is dan deze bedragen, dan kunnen ouders wat minder kindgebonden budget krijgen.

De kinderbijslag stijgt door indexatie.

Participatiewet in balans

Het kabinet past de Participatiewet aan. Met eenvoudigere regels en meer financiële zekerheid als mensen vanuit de bijstand weer aan het werk gaan. De bijverdiengrenzen om te werken met behoud van uitkering worden verruimd. Er komen duidelijke regels voor het ontvangen van giften (tot € 1.200 per jaar, zonder dat dit invloed heeft op de uitkering). Gemeenten kunnen straks met terugwerkende kracht bijstand verlenen. Dit voorkomt dat mensen in de eerste periode zonder inkomsten zitten en hierdoor schulden opbouwen. Ook gaat de wet meer uit van vertrouwen in professionals in de uitvoering en van mensen in de bijstand.

Nieuw pensioenstelsel

Er gaan ruim 9,5 miljoen pensioenen over op 1 januari 2026 op het nieuwe stelsel. Daarmee is meer dan de helft van de deelnemers in 2026 over op het nieuwe stelsel.

Vrijstelling RVU-heffing omhoog

Werknemers die zwaar werk doen, kunnen door de Regeling voor Vervroegde Uittreding (RVU) 3 jaar eerder stoppen. Zij krijgen van hun werkgever een uitkering tot hun pensioenleeftijd. De werkgevers hoeven over die uitkering geen extra belasting (RVU-heffing) te betalen. Het bedrag stijgt door indexatie tot € 2.357 bruto per maand.

€ 300 bruto per maand extra

Om de RVU toegankelijker te maken voor werknemers met een laag inkomen of weinig aanvullend pensioen, kan de werkgever boven op de basis RVU-uitkering (netto gelijk aan een AOW-uitkering) maximaal € 300 bruto per maand extra meegeven. Cao-partijen kunnen daar afspraken over maken. Over het extra bedrag betalen werkgevers geen extra belasting.

Het bedrag van de RVU-drempelvrijstelling is dus ​​€ 2.657 bruto per maand. Let op: dit is het bedrag inclusief bruto € 300 per maand voor knellende situaties.

AOW-leeftijd

De AOW-leeftijd blijft 67 jaar.

Wijzigingen loonkostenvoordeel

Voor oudere werknemers en werknemers met een arbeidsbeperking kunnen werkgevers het loonkostenvoordeel (LKV) krijgen. Voor oudere werknemers (56 jaar en ouder) wordt het loonkostenvoordeel afgeschaft per 1 januari 2026. Voor werknemers die vóór 1 januari 2024 in zijn dienst zijn gekomen houdt de werkgever het loonkostenvoordeel.

Voor werkgevers met meer dan 25 werknemers wordt het eenvoudiger om mensen met een arbeidsbeperking die vallen onder de doelgroep banenafspraak in dienst te nemen. Het loonkostenvoordeel banenafspraak geldt vanaf 2026 zolang de werknemer in dienst is. Eerder gold het LKV voor maximaal 3 jaar. Ook is nu geen speciale doelgroepverklaring van UWV meer nodig om dit voordeel te krijgen.

Van school naar duurzaam werk

Jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt krijgen betere begeleiding bij de overgang van school naar werk. Gemeenten, scholen en doorstroompunten worden verplicht samen te werken om te voorkomen dat jongeren uitvallen. Zo gaan scholen aanvullende loopbaanbegeleiding aanbieden, ook nadat jongeren van school zijn. En bieden gemeenten meer preventieve en passende ondersteuning terug naar school, werk of een combinatie van werken en leren. De begeleiding is er voor jongeren tot 27 jaar van het mbo (niveau 1 en 2), vso, pro en vroegtijdig schoolverlaters.

Transitievergoeding

De maximale transitievergoeding bij ontslag gaat omhoog door indexatie en bedraagt maximaal € 102.000 (in 2025: € 98.000). Of, als het jaarsalaris hoger is dan € 102.000, maximaal 1 bruto jaarsalaris.

Quotumpercentage voor sector overheid

Met wijziging van de Regeling Wfsv wordt het quotumpercentage over 2026 voor de sector overheid vastgesteld op 2,58 procent. Het quotumpercentage is berekend met toepassing van de formule, bedoeld in artikel 38f, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv).

De quotumheffing is geactiveerd voor de sector overheid voor quotumtekorten over het jaar 2018 en verder en is van toepassing op alle overheidswerkgevers met 25 of meer werknemers. Bij de berekening van het quotumpercentage gaat het om de verhouding tussen het aantal banen dat conform de banenafspraak moet worden ingevuld door mensen uit de doelgroep ten opzichte van het totale aantal banen in de sector overheid.

Woonlandfactor

In artikel 6 van het Besluit beslagvrije voet is de bepaling opgenomen dat de beslagvrije voet van personen op wiens inkomen beslag is gelegd en die buiten Nederland woonachtig zijn wordt vermenigvuldigd met een vastgestelde factor, de zogenoemde woonlandfactor. De woonlandfactor kent een maximum van 1,0. De bijlage wordt jaarlijks op 1 januari geactualiseerd.

Bijlage 1, behorende bij artikel 1 van de Regeling beslagvrije voet met daarin per land de woonlandfactoren per 2026 is gepubliceerd.

Regeling van de Minister van SZW van 18 december 2026 houdende wijziging bedragen en vaststelling percentages, bedragen en aantallen voor enkele wetten en regelingen voor 2026

 

Bron: 17 december 2025 door Salaris Vanmorgen

Bronnen: Ministerie van SZW.nl

 

Disclaimer:

Hoewel aan de inhoud van deze berichtgeving uiterste zorgvuldigheid is betracht, kan Salarisjobs niet aansprakelijk worden gesteld voor het gebruik hiervan.